Een training is pas goed wanneer er ook gelachen wordt!
De kop boven dit artikel was snel gemaakt. Tijdens het gesprek met een afvaardiging van de Meiden Onder 20 (vanaf nu MO20) kwam deze opmerking van trainer/coach John Spijker. Eentje die nadrukkelijk en met lachende gezichten werd omarmd door de aanwezige speelsters en leiders van het team.
Vrouwenvoetbal heeft nog maar een korte geschiedenis. Al zullen kenners het met deze opmerking niet eens zijn. De eerste Nederlandse vrouwenvoetbalclub (De Oostzaanse Vrouwenvoetbal Vereniging) werd immers al in 1924 opgericht. De eerste geregistreerde vrouwenvoetbalwedstrijd werd zelfs al in 1892 in Glasgow gespeeld. Engeland volgde 3 jaar later. Van de beginjaren van het vrouwenvoetbal is het meest bekend over de British Ladies Football Club, die in het jaar 1895 de eerste wedstrijd speelde. Hoezo een korte geschiedenis?
Deze jaartallen kloppen inderdaad als een bus, maar vrouwen hebben daarna lang en hard moeten knokken om erkenning te krijgen binnen de voetbalwereld. Ook in Nederland. De vrouwen werden pas in 1971 officieel erkend en de meisjes moesten nog langer wachten. Pas in 1979 konden zij lid worden van de KNVB. Dit laat zien hoe jong deze tak van sport eigenlijk is. De KNVB is optimistisch over de ontwikkelingen en de toekomst hoewel in de praktijk blijkt dat sommige verenigingen toch moeite hebben een team op de been te krijgen.
Plezier is de basis
Meiden die vaak in gemengde teams moeten spelen of speelden? Goed voor hun voetbalontwikkeling maar dit heeft volgens John zijn grenzen. “Vooral bij de wat oudere jeugd zie je te vaak overtredingen uit frustratie wanneer jongens door een goede actie van vrouwelijke tegenstanders uitgespeeld worden. Het ego speelt dan op.” John ziet dan ook liever meer vrouwenteams tegen elkaar spelen, vooral ook op jongere leeftijd. Hij geniet van zijn MO20-groep. Plezier is voor John de basis, direct gevolgd door inzet. “Natuurlijk is talent ook belangrijk maar dat heb je niet in de hand. De ene speelster is nu eenmaal beter dan de andere.”
Vrouwenvoetbal en vooroordelen
Het vrouwenvoetbal wordt nog te vaak met de mannen vergeleken. Geheel misplaatst gezien de korte periode dat de vrouwen in de voetbalwereld serieus worden genomen. Ook zijn mannen en vrouwen onvergelijkbaar in de manier waarop ze hun sport uitoefenen. Mannen kunnen al generaties lang voetballen in verenigingsverband of op straat. Dit staat voor de vrouwen eigenlijk nog in de kinderschoenen. De tijdens het gesprek aanwezige speelsters Liv, Lianne, Lisa en Nina vertelden dat zij al wel regelmatig op het schoolplein voetbalden. Een goede ontwikkeling.
Onderlinge verbondenheid groot
Het enthousiasme van de USV-meiden is voelbaar en volgens John uit zich dat ook op trainingsavonden. “Natuurlijk ontbreekt er wel eens eentje door ziekte of een blessure. Of doordat de focus tijdens een tentamenweek op school is gericht. Maar het opkomstpercentage ligt hoog.” De reacties van de meiden bevestigen hun door John omschreven verbondenheid met het team: “het is juist ook fijn om in tentamenweken even het hoofd vrij te maken.” Of: “vaak is het ook een kwestie van plannen.” Stafleden John, Lieke en Karin zijn het met hun meiden eens. Toch plaatsen ze een kanttekening. “Wanneer je de tijd nodig hebt voor school is dat toch net even belangrijker dan voetbal. Een kwestie van prioriteiten.”
Even voorstellen: trainers en leiders
De trainers Remko Omlo en Richard Boverhof verzorgen de training op de maandagavond en coach John Spijker leidt de training op de woensdagavond. John is al jaren betrokken bij het vrouwenvoetbal bij USV. Hij vindt het heel leuk om het voetbal van zijn beide dochters te volgen. Het maakt hem niet uit bij welk team hij betrokken is. Als er maar een van zijn dochters in speelt en hij het team van zijn andere dochter regelmatig kan zien spelen. De meiden zijn dik tevreden over hun coach en andere stafleden. “John heeft echter een probleem”, merken de speelsters lachend op. “Het onthouden van de namen, hij komt er steeds mee in de war.” Liv moet er ook om lachen, toch kan ze het niet laten het voor haar vader op te nemen. “Valt ook niet mee, veel korte namen die vaak ook nog met dezelfde letter beginnen”, vergoelijkt ze.
Karin Huisman Seinen is de teammanager. Zij is ook een bekende persoonlijkheid binnen USV. Jaren heeft Karin in het team van USV Vrouwen 1 gespeeld. In die tijd nog aangeduid als ‘dameselftal’. Drie jaar speelde ze bij ASC in Dalfsen. USV kreeg het in die periode niet voor elkaar een elftal te formeren. Ze heeft nog gevoetbald in een 7 tegen 7 team, gevlagd bij de meiden en nu is ze dan teammanager bij de MO20, waarin ook haar dochter Ilse speelt. Een respectabele staat van dienst.
Lieke Wildeboer kampt met een hardnekkige blessure en is nu toegevoegd als teammanager. Lieke verwacht dat haar carrière als actief speelster afgelopen is. Het lijkt haar leuk om John te assisteren tijdens de woensdagavondtraining. Heel jammer voor Lieke dat ze zelf niet meer kan voetballen. Maar de drive en de liefde voor het spelletje laat ze zich daardoor niet afnemen. Dat is mooi om te zien en misschien wel tekenend voor de sfeer in dit team. Het liefst willen ze dat het team nog heel lang bij elkaar blijft.
Erkenning en invloed vrouwen groeit
De onderlinge verbondenheid is groot. Wanneer je zo’n grote groep jonge meiden bij elkaar hebt is het logisch dat karakters, interesses en ontwikkelingen verschillen. In het veld is daar niets van te merken. Iedereen zet zich in. Die inzet gaat verder dan trainen en voetballen. Liv en Lisa trainen de JO8-1. Dit doen ze samen met hun teamgenoten Marit en Myra. Soms helpen ze ook bij de kaboutertrainingen. Als vereniging moet je daar geweldig blij mee zijn. De invloed van de vrouwen binnen de diverse functies bij USV groeit. De laatste jaren kun je dat al goed merken. De meiden ervaren dat ook. “We worden serieus genomen. In het begin hadden we dat gevoel minder. Trokken we bijvoorbeeld vaak aan het kortste eind bij de veldindeling. Dat gaat nu veel beter.”
Heel grappig is dat het Super 11 spel (zie ook elders in dit blad) een positieve invloed heeft op het vrouwenvoetbal binnen de vereniging. Deelnemers moeten zich in teams verdiepen omdat er met juiste keuzes punten vallen te verdienen. Het spel helpt door zijn opzet mee aan meer bekendheid, integratie en acceptatie. Voor de verenigingsbeleving een hele goede zaak. John: “Je ziet het zelfs al terug in de groei van het aantal toeschouwers. Maar dat kan altijd nog meer. Een uitnodiging dan ook aan alle USV’ers om bij de meiden en vrouwen te gaan kijken en ze aan te moedigen.”
De aanwezigheid van een vrouwelijke verzorgster bij USV stellen de meiden zeer op prijs. “Dat voelt toch net even iets anders. Bovendien kun je haar (Nelleke van der Veen) ook buiten de maandagavond om bereiken. Even een appje en indien gewenst kun je bij haar thuis terecht voor een behandeling of een advies.”
‘Gescout’
De meiden vertellen hoe ze de weg naar het voetbalveld bij USV hebben gevonden. Lisa Grupstra zit nu al zo’n 8 jaar op voetbal. Thuis vonden haar ouders het prima dat ze ging voetballen. De liefde voor voetbal is mede dankzij haar broer ontwikkeld. De keus van Lianne Brassien voor voetbal en USV begon op het schoolplein. “Daar voetbalde ik vaak mee en zo ben ik ontdekt”, vertelt Lianne. “Ik zat op turnen maar juf Nelleke (Wildeboer) zag me op het schoolplein voetballen en vond dat ik aanleg had. En ik had er wel zin in.” Er moest wel even wat overlegd worden. Want blijf je dan wel of niet turnen en wordt het dan voetballen bij USV of sv? Het thuisfront snapte haar keus voor USV. Want daar voetbalden al haar vriendinnen. “Als we tegen sv spelen willen we natuurlijk graag winnen, maar daarmee houdt de eventuele rivaliteit ook wel op. Als het even kan kijken we bij elkaars wedstrijden.” Dat juf Nelleke een goede scout is blijkt wel uit het feit dat Lianne ook uitgenodigd wordt voor het Regio Talententeam. Liv Spijker is een dankbare speelster voor een coach. Ze kan en wil voetballen, maar keepen vindt ze ook leuk. “Liefst doe ik het afwisselend.” Door blessureleed is Liv momenteel de vaste keepster. Net als bij Lieke Wildeboer was voetbal en USV een onderdeel van de opvoeding. De ouders van beiden zijn al jaren actief betrokken bij USV. Hun USV-genen lijken zich dus ook te ontwikkelen bij de dochters. Nina Boertjes begon gelijk met Liv bij de kabouters. De overstap naar het veld zag ze toen nog niet zitten. Na twee jaar begon het voetbalbloed opnieuw te kriebelen en sloot ze zich weer aan bij haar nog steeds voetballende vriendin. Nina is thuis ook met voetbal opgegroeid, maar haar vriendinnen waren toch de doorslaggevende factor om voor voetbal te kiezen. Leuk om te horen hoe de lijntjes van deze meiden allemaal kunnen lopen en hoe ze samen met de overige speelsters een hecht team vormen.
Weinig te merken van leeftijdsverschil
De competitieopzet voor meidenteams is gewijzigd. Zo is er geen MO19 meer, maar ga je na de MO17 meteen door naar de MO20. “Het leeftijdsverschil lijkt groot maar binnen de groep en zeker op het veld merk je daar niet veel van. Natuurlijk kunnen interesses op die leeftijd meer verschillen van elkaar maar tijdens het spelletje is er geen verschil. De inzet en motivatie is bij het hele team aanwezig en dat verbindt. Leeftijd speelt binnen de groep, nagenoeg geen rol”, is de ervaring van zowel staf als speelsters.
Het voetbalseizoen is verdeeld in vier fases. Fase 1 is een indicatiefase waarin maximaal 6 of 7 wedstrijden worden gespeeld. In fase 2, de controlefase, worden ook maximaal 6 of 7 wedstrijden gespeeld. Dan wordt bepaald op welk niveau het team de competitie ingaat. Fase 3 is de competitie waarin maximaal 14 speelrondes worden afgewerkt. Fase 4 bestaat uit een dagdeel waarin om de Final League wordt gespeeld.
Wel even aanpoten op hoger niveau
In december vierden de meiden een feestje omdat ze kampioen werden van fase 2. De meiden zelf nuanceren deze prestatie: “De tegenstand was matig. Elke wedstrijd werd dik gewonnen.” Het positieve van het kampioenschap was dat het team nu ingedeeld is in de 1e klasse waarin alleen wedstrijden van 11 tegen 11 gespeeld worden. Een klasse lager kan het afhankelijk van de tegenstander ook gebeuren dat er 9 tegen 9 gespeeld moet worden. “De indeling in de 1e klasse zorgt voor veel meer tegenstand in de competitie. Voor het leerproces veel beter”, vult John aan. De meiden knikken instemmend. “Ook veel leuker dan altijd dik winnen.” Dat grotere tegenstand was in het begin wel wennen. Onze gemiddelde leeftijd ligt vrij laag ten opzichte van de meeste tegenstandsters. Dat was met name fysiek even aanpoten. De staf is echter zeer tevreden over de stappen die de meiden maken.
De meiden en de staf vinden dat de plannen en de doorgevoerde nieuwe regels van en door de KNVB te ver gaan. Het lijkt soms meer om regels te gaan dan om voetbal. Het actuele bericht om een blauwe kaart in te voeren wordt met scepsis ontvangen. “Al die regels maakt het niet makkelijker”, vult John aan. “Neem bijvoorbeeld het moment dat je als grensrechter de vlag omhoog mag doen. Dat is voor een leek niet meer te volgen. Aangezien de meeste teams het van welwillende ouders of vrijwilligers moeten hebben, maakt de nieuwe buitenspelregel het een stuk moeilijker om achteraf het wanneer en waarom van een vlagsignaal uit te leggen.”
Hele seizoen welkom
“Je hebt nog 5 minuten er moet getraind worden”, wijst John op de klok. Laatste vraag: zijn er nog ideeën zijn om het meidenvoetbal bij USV nog beter te promoten? Uit de eerste reacties valt op dat de jaarlijkse flyeractie op de basisscholen als zeer positief wordt ervaren. Waar misschien meer aandacht aan gegeven kan worden zijn specifieke acties om meiden te stimuleren te gaan voetballen. Denk aan een paar vaste trainingsavonden per seizoen waarop buurmeisjes, klasgenootjes, vriendinnetjes mee mogen trainen. Dat kan eigenlijk altijd wel, maar is niet bij iedereen bekend. Breng die mogelijkheid meer onder de aandacht. De speelsters kunnen hier zelf ook een rol spelen. Want betere ambassadeurs voor het meidenvoetbal bij USV zijn er niet. Introducees die enthousiast zijn kun je altijd aanbieden een training te volgen. Ze zijn het hele seizoen van harte welkom.
We zitten intussen in de extra tijd. De 5 minuten zijn om. De tijd is voorbijgevlogen.
Bedankt staf en speelsters van MO20 en nog veel plezier en succes toegewenst.
(door Werner van der Veen)